Skip to content

Onderhuurovereenkomst: wat het is en wie aansprakelijk is

Image of Lou Van Reemst
Lou Van Reemst 16 okt 2026

Een onderhuurovereenkomst is een contract waarin een huurder het gehuurde geheel of gedeeltelijk aan een ander in gebruik geeft, terwijl zijn eigen huurovereenkomst met de verhuurder blijft bestaan. Stel: Sanne huurt een zelfstandige woning in Utrecht en woont daar zelf. Zij verhuurt een kamer aan een student die een jaar in Utrecht komt studeren. De onderhuur loopt tussen Sanne en de student. Sannes huurovereenkomst met de woningcorporatie blijft gewoon bestaan. Betaalt de student niet, dan blijft Sanne in Nederland zelf verplicht de huur aan de corporatie te betalen [1].

Dat laatste punt wordt vaak gemist. Onderhuur voegt een tweede contract toe onder het eerste. De verplichtingen van de oorspronkelijke huurder gaan niet over op de nieuwkomer. Deze gids behandelt onderhuur in Nederland onder Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek (BW), voor woonruimte en bedrijfsruimte. Het is algemene informatie, geen juridisch advies. De Amerikaanse regels wijken sterk af. Ook uw eigen huurovereenkomst en de regels van uw gemeente kunnen meetellen.

De begrippen zijn eenvoudig zodra u de structuur ziet:

  • Hoofdhuurovereenkomst. De oorspronkelijke huurovereenkomst tussen de verhuurder en de huurder.
  • Onderverhuurder (of hoofdhuurder). De oorspronkelijke huurder, die nu zelf ook verhuurder is van een ander.
  • Onderhuurder. Degene die het gehuurde gaat gebruiken onder de onderhuurovereenkomst.

Boek 7 BW gebruikt bij bedrijfsruimte zelf de woorden "hoofdverhuurder", "hoofdhuurder" en "onderhuurder" [1]. Onderhuur is niet hetzelfde als indeplaatsstelling. Dat verschil bepaalt wie de verhuurder kan aanspreken. Daarover hieronder meer.

Wilt u eerst het bredere beeld van de hoofdhuurovereenkomst zelf, lees dan wat een huurovereenkomst is (Engelstalig). Dit artikel gaat over de laag daaronder.

Onderhuurovereenkomst: doel en gebruik

Onderhuur lost een timingprobleem op. De huurder vertrekt tijdelijk of wil hulp bij de huur, maar de huurovereenkomst loopt nog. Of onderhuur in Nederland mag, hangt eerst af van het soort ruimte [1]:

  • Woonruimte, de hele woning. In Nederland is de huurder van woonruimte niet bevoegd het gehuurde geheel of gedeeltelijk aan een ander in gebruik te geven. Artikel 7:244 BW wijkt daarmee af van de algemene regel in artikel 7:221 BW [1].
  • Woonruimte, een deel van de woning. Artikel 7:244 BW maakt in Nederland één uitzondering. De huurder van een zelfstandige woning die daar zijn hoofdverblijf heeft, mag een deel van die woning aan een ander in gebruik geven [1]. Een zelfstandige woning heeft volgens artikel 7:234 BW een eigen toegang en is te bewonen zonder wezenlijke voorzieningen buiten de woning [1].
  • Andere ruimte, zoals kantoren en winkels. Voor huur die geen woonruimte is, geldt in Nederland artikel 7:221 BW. De huurder mag het gehuurde dan geheel of gedeeltelijk aan een ander in gebruik geven. Dat geldt niet als hij moest aannemen dat de verhuurder tegen die ander redelijke bezwaren zal hebben [1].

De wettekst is het vertrekpunt. Lees daarnaast altijd de bepaling over onderhuur in uw eigen huurovereenkomst.

Veelvoorkomende situaties zijn:

  • Tijdelijke afwezigheid. Een buitenlandse opdracht, een semester in het buitenland of een lange periode bij familie. Gaat het om de hele woning, dan geeft de Nederlandse wet de huurder van woonruimte die bevoegdheid niet [1]. Leg in dat geval vooraf schriftelijk vast wat de verhuurder toestaat.
  • Huur delen. Een kamer verhuren in de eigen zelfstandige woning waar u uw hoofdverblijf heeft.
  • Een bedrijf dat krimpt. Een bedrijf dat meer kantoor- of magazijnruimte huurt dan het nodig heeft, verhuurt het overschot aan een ander bedrijf. De zakelijke variant heeft dezelfde structuur: een hoofdhuur, een onderverhuurder en een onderhuurder. Zie onze Engelstalige gidsen over de commerciële huurovereenkomst en de huurovereenkomst voor magazijnruimte voor de bepalingen van de hoofdhuur die daar meestal gelden.
  • Een verhuizing overbruggen. Een huurder moet eerder verhuizen dan de looptijd toestaat en wil de huur niet beëindigen.

Onderhuur past als de oorspronkelijke huurder de huurovereenkomst wil houden, of in elk geval wil kunnen terugkeren. Wil de huurder definitief weg, dan liggen opzegging of indeplaatsstelling meer voor de hand.

Onderhuur of indeplaatsstelling

De twee worden snel verward, omdat bij allebei een nieuwe persoon in de ruimte komt. Het verschil is wie de verhuurder iets verschuldigd is.

OnderhuurIndeplaatsstelling
Wat er gebeurtDe huurder geeft het gehuurde geheel of deels in gebruik aan een anderEen ander wordt huurder in plaats van de huurder
Wie de nieuwkomer betaaltDe onderverhuurderDe verhuurder
Contract met de verhuurderBlijft bij de hoofdhuurderGaat naar de nieuwe huurder
Rol van de rechter in NederlandGeen machtiging in de wetMachtiging bij ruil van woonruimte en bij overdracht van een bedrijf

Bij onderhuur sluit de onderhuurder een huurovereenkomst met de hoofdhuurder, niet met de verhuurder. Huur is in Nederland de overeenkomst waarbij de verhuurder een zaak in gebruik verstrekt en de huurder zich tot een tegenprestatie verbindt (artikel 7:201 BW) [1]. De hoofdhuurder blijft tegenover zijn eigen verhuurder verplicht de huur op de afgesproken wijze en tijdstippen te betalen (artikel 7:212 BW) [1].

Indeplaatsstelling is in Nederland beperkt geregeld. Een huurder van woonruimte die een ruil wil, kan de rechter vragen hem te machtigen een ander in zijn plaats als huurder te stellen (artikel 7:270 BW). De rechter wijst dat alleen toe als de huurder een zwaarwichtig belang bij de ruil heeft. Hij wijst het af als de voorgestelde huurder financieel onvoldoende waarborg biedt. Valt de woning onder hoofdstuk 2 van de Huisvestingswet 2014, dan moet de huurder ook een huisvestingsvergunning voor de voorgestelde huurder overleggen [1].

Voor bedrijfsruimte in de zin van artikel 7:290 BW geldt in Nederland een eigen regel. Denk aan een winkel of restaurant met een voor publiek toegankelijk lokaal, of een hotel. Wil de huurder het bedrijf overdragen, dan kan hij de rechter vragen de overnemer van het bedrijf als huurder in zijn plaats te stellen (artikel 7:307 BW). De huurder of de exploitant van het bedrijf moet een zwaarwichtig belang hebben. De rechter wijst de vordering steeds af als de voorgestelde huurder onvoldoende waarborgen biedt voor volledige nakoming en een behoorlijke bedrijfsvoering. Hij kan voorwaarden of een last aan de machtiging verbinden [1]. Van artikel 7:307 BW kan in Nederland niet ten nadele van de huurder worden afgeweken, ook niet met goedkeuring van de rechter (artikel 7:291 BW) [1].

Onderhuurovereenkomst: partijen

Bij elke onderhuur hebben drie partijen een belang, ook al tekenen er maar twee.

De verhuurder. De verhuurder is geen partij bij de onderhuurovereenkomst, maar bepaalt vaak wel of die er mag komen. Bij woonruimte geeft de wet in Nederland de huurder geen bevoegdheid om de hele woning onder te verhuren [1]. Bij andere ruimte telt in Nederland of de verhuurder redelijke bezwaren tegen de onderhuurder kan hebben (artikel 7:221 BW) [1]. Het contract van de verhuurder, en zijn aanspraak op de huur, blijft bij de oorspronkelijke huurder [1].

De onderverhuurder (hoofdhuurder). Deze partij draagt twee sets verplichtingen tegelijk. Tegenover de verhuurder blijft alles uit de hoofdhuur gelden. Tegenover de onderhuurder geldt wat de onderhuur belooft. In Nederland is de huurder jegens de verhuurder aansprakelijk voor de gedragingen van wie met zijn goedvinden het gehuurde gebruikt. Dat geldt op gelijke wijze als voor zijn eigen gedragingen (artikel 7:219 BW) [1]. De Rijksoverheid wijst erop dat een onderverhuurder van een woning zich aan de regels voor verhuurders van woningen moet houden [3].

De onderhuurder. De onderhuurder krijgt het recht de ruimte te gebruiken op de voorwaarden van de onderhuur. Geef de onderhuurder geen ruimer gebruik dan de hoofdhuur toestaat. In Nederland mag de huurder het gehuurde alleen gebruiken zoals is overeengekomen. Is daarover niets afgesproken, dan geldt het gebruik waartoe de zaak naar haar aard bestemd is (artikel 7:214 BW) [1].

Ook anderen kunnen een rol spelen. In Nederland is de echtgenoot of geregistreerde partner van een huurder van woonruimte van rechtswege medehuurder, zolang de woning ook voor hem of haar het hoofdverblijf is (artikel 7:266 BW) [1]. Betrek een medehuurder dus bij de afspraken. De gemeente kan ook meetellen. In een Nederlandse gemeente die woonruimte heeft aangewezen op grond van artikel 7 van de Huisvestingswet 2014, is het verboden die woonruimte in gebruik te geven aan iemand zonder huisvestingsvergunning (artikel 8 lid 2) [2].

Onderhuurovereenkomst: belangrijkste bepalingen

Een goede onderhuurovereenkomst beantwoordt elke vraag waarover onderverhuurder en onderhuurder later kunnen twisten. Mondelinge afspraken zijn volgens de Rijksoverheid ook geldig, maar moeilijker te bewijzen bij een meningsverschil [3]. Leg de afspraken daarom schriftelijk vast, en zorg dat ze passen binnen de hoofdhuur.

Onderstaande bepalingen wegen het zwaarst. Voor de betekenis van het woord zelf, zie onze begrippenlijst over de clausule.

Partijen en het gehuurde. Noem de onderverhuurder, de onderhuurder en de verhuurder. Beschrijf precies wat wordt onderverhuurd: de hele ruimte, één kamer of een afgebakend deel van een kantoor. Noem meubels, parkeerplaats en berging die erbij horen.

Verwijzing naar de hoofdhuur. Leg vast dat de onderhuur ondergeschikt is aan de hoofdhuur, en voeg een kopie toe. Zo kent de onderhuurder de regels over geluid, huisdieren, verbouwingen en toegestaan gebruik. Het geeft de onderverhuurder ook een contractuele basis om de onderhuurder daaraan te houden.

Toestemming van de verhuurder. Leg vast of toestemming nodig is en of die is gegeven. Voeg de schriftelijke toestemming toe. Boek 7 BW kent in Nederland geen vaste procedure of vormvereiste voor zo'n toestemming bij onderhuur [1]. Vraag haar daarom schriftelijk en bewaar de reactie.

Looptijd. Een onderhuur van woonruimte is in Nederland zelf een huurovereenkomst, met de hoofdhuurder als verhuurder [1] [3]. Een huur van woonruimte voor bepaalde tijd eindigt in Nederland niet door het enkele verloop van de huurtijd (artikel 7:271 lid 1 BW). Lid 2 maakt een uitzondering voor huur van twee jaar of korter aan bij algemene maatregel van bestuur aangewezen groepen, als de verhuurder tijdig schriftelijk informeert [1]. Huur die naar zijn aard slechts van korte duur is, valt buiten deze regels voor woonruimte (artikel 7:232 lid 2 BW) [1]. Laat de onderhuur bij voorkeur niet later eindigen dan de hoofdhuur.

Huurprijs en betaling. Leg bedrag, vervaldag, betaalwijze en gevolgen van te late betaling vast. Bij woonruimte gelden in Nederland de overeengekomen huurprijzen, voor zover de huurprijsregels van Boek 7 BW niets anders bepalen (artikel 7:246 BW) [1]. Een beding bij het aangaan van een huur van woonruimte dat niet de huurprijs betreft en een partij of derde een niet redelijk voordeel geeft, is in Nederland nietig (artikel 7:264 BW) [1].

Waarborgsom. Leg bedrag, beheer, dekking en het moment van terugbetaling vast. De eigen waarborgsom van de onderverhuurder bij de verhuurder staat daar los van en blijft staan.

Nutsvoorzieningen en servicekosten. Wijs elke voorziening toe: gas, elektriciteit, water, internet en eventuele servicekosten van het gebouw.

Gebruik en gedrag. Beperk het gebruik tot wat de hoofdhuur toestaat. In Nederland moet de huurder zich bij het gebruik als een goed huurder gedragen (artikel 7:213 BW) [1]. Verbied verdere onderhuur zonder toestemming van zowel de onderverhuurder als de verhuurder.

Staat en inspectie. Maak bij de start een beschrijving met foto's. In Nederland levert de huurder het gehuurde bij een opgemaakte beschrijving op in de staat van die beschrijving. Geoorloofde veranderingen en wat door ouderdom teniet is gegaan of beschadigd, tellen daarbij niet mee. Zonder beschrijving wordt de huurder, behoudens tegenbewijs, verondersteld het gehuurde te hebben ontvangen in de staat bij het einde van de huur (artikel 7:224 lid 2 BW) [1].

Verzuim en beëindiging. Leg vast wat er gebeurt als de onderhuurder niet betaalt of een regel overtreedt, en welke opzegtermijnen gelden. Bij woonruimte zijn de opzegregels van artikel 7:271 BW in Nederland dwingend. Een beding dat daarvan afwijkt, is nietig, net als een beding dat de huur zonder opzegging laat eindigen (artikel 7:271 lid 8 BW) [1].

Ons sjabloon voor een onderhuurovereenkomst zet deze onderdelen op volgorde, van de gegevens van de hoofdhuur en de toestemming tot waarborgsom, voorzieningen en beëindiging.

Data en momenten in de looptijd

Een huurder geeft de sleutels van een appartement en een getekende onderhuurovereenkomst aan een onderhuurder aan een zonnig keukenblad, met een verhuisdoos ernaast.

Een onderhuur loopt binnen de tijdlijn van een ander contract. Daardoor zijn de data kwetsbaarder dan bij een gewone huur, want er lopen twee klokken.

Toestemmingsverzoek. Toestemming komt vóór de intrek. Boek 7 BW geeft in Nederland geen wettelijke reactietermijn voor de verhuurder bij een verzoek om onderhuur [1]. Spreek daarom zelf een antwoorddatum af en zet die in de agenda.

Ingang en intrek. Laat de onderhuur pas ingaan als de benodigde toestemming er is. Maak de beschrijving van de staat op de eerste dag.

Huurdata. Er zijn nu twee betaaldata. De betaling van de onderhuurder aan de onderverhuurder moet binnen zijn voordat de onderverhuurder de verhuurder moet betalen. Een paar dagen marge voorkomt dat de onderverhuurder te laat betaalt.

Einde van de hoofdhuur bij woonruimte. In Nederland zet de verhuurder de onderhuur van een zelfstandige woning waar de onderhuurder zijn hoofdverblijf heeft voort als de hoofdhuur eindigt (artikel 7:269 lid 1 BW) [1]. De verhuurder kan dan binnen zes maanden de rechter vragen de huur te laten eindigen. Dat kan alleen op de gronden van artikel 7:269 lid 2 BW. Voorbeelden zijn onvoldoende financiële waarborg, of een onderhuur die kennelijk bedoeld was om de onderhuurder de positie van huurder te geven [1]. Wordt een onderhuur van woonruimte niet op grond van artikel 7:269 BW voortgezet, dan geldt in Nederland artikel 7:278 lid 1 BW. Die onderhuur eindigt op het tijdstip van ontruiming dat de rechter op vordering van de hoofdverhuurder vaststelt op grond van artikel 7:273 lid 3 BW [1]. Heeft de hoofdhuurder daarbij onvoldoende voor de belangen van de onderhuurder gewaakt, dan moet hij de schade vergoeden (artikel 7:278 lid 2 BW) [1]. Wie een kamer huurt van iemand die de woning zelf huurt, heeft volgens de Rijksoverheid geen onderhuurbescherming. Dat contract eindigt als de hoofdhuur stopt [3].

Einde van de hoofdhuur bij bedrijfsruimte. Voor bedrijfsruimte geldt in Nederland artikel 7:306 lid 1 BW. De onderhuur eindigt op het tijdstip van ontruiming dat de rechter op vordering van de hoofdverhuurder vaststelt op grond van artikel 7:296 lid 5 BW [1]. Heeft de hoofdhuurder de onderhuurder niet of niet juist ingelicht over de termijn van de hoofdhuur, dan moet hij de schade vergoeden. Dat geldt ook als hij bij de beëindiging onvoldoende voor de belangen van de onderhuurder heeft gewaakt (artikel 7:306 lid 2 BW) [1].

Kamer in de eigen woning: de eerste negen maanden. Verhuurt u in Nederland een onzelfstandige kamer in de woning waar u zelf uw hoofdverblijf heeft? Dan gelden onder meer de artikelen 7:271 lid 5 en 7:272 BW de eerste negen maanden niet, als u die huurder niet eerder woonruimte in die woning verhuurde (artikel 7:232 lid 3 BW) [1]. De Rijksoverheid legt uit dat de verhuurder in die periode zonder redenen kan opzeggen, met een opzegtermijn van drie maanden [3].

Opzegging bij woonruimte. In Nederland moet de opzegging van een huur van woonruimte bij deurwaardersexploot of aangetekende brief gebeuren (artikel 7:271 lid 4 BW) [1]. Zegt de huurder op, dan geldt een termijn gelijk aan de betaalperiode, van minimaal een maand en maximaal drie maanden. Zegt de verhuurder op, dan is de termijn minimaal drie maanden. Die termijn groeit met een maand voor elk jaar dat de huurder het gehuurde ononderbroken in gebruik had, tot maximaal zes maanden (artikel 7:271 lid 6 BW) [1]. De verhuurder moet de gronden noemen, en alleen de gronden van artikel 7:274 lid 1 BW tellen (artikel 7:271 lid 5 BW) [1]. De opzeg- en verlengingsdata van de hoofdhuur blijven de taak van de onderverhuurder. Onze uitleg over contractverlenging laat zien hoe verlenging en opzegtermijnen samenhangen.

Uittrek en waarborgsom. Controleer tegen de beschrijving bij de start, leg inhoudingen schriftelijk vast en betaal de waarborgsom op de afgesproken datum terug.

Risico's en veelgemaakte fouten

De meeste geschillen over onderhuur zijn terug te voeren op een paar fouten. Elke fout is te voorkomen met een schriftelijke overeenkomst en een agenda.

Onderverhuren zonder bevoegdheid. Dit is het grootste risico. De huurder van woonruimte mag in Nederland de hele woning niet onderverhuren, en een deel alleen onder de voorwaarden van artikel 7:244 BW [1]. Ontbinding van een huurovereenkomst van een gebouwde onroerende zaak omdat de huurder tekortschiet, kan in Nederland alleen via de rechter. De uitzonderingen staan in artikel 7:231 lid 2 BW, bij ernstige verstoring van de openbare orde of drugshandel waarna het gebouw op wettelijke grond is gesloten. Een tweede uitzondering is artikel 7:210 BW, bij een gebrek dat het genot geheel onmogelijk maakt (artikel 7:231 lid 1 BW) [1]. De verhuurder moet dus naar de rechter, maar bij ontbinding staat de huurovereenkomst zelf op het spel.

Denken dat de onderhuurder de aansprakelijkheid overneemt. Dat gebeurt niet. In Nederland blijft de hoofdhuurder de huur verschuldigd. Hij is ook aansprakelijk voor de gedragingen van wie met zijn goedvinden het gehuurde gebruikt (artikelen 7:212 en 7:219 BW) [1]. Betaalt de onderhuurder niet of beschadigt hij de ruimte, dan spreekt de verhuurder de hoofdhuurder aan. Die moet de onderhuurder daarna zelf aanspreken op grond van de onderhuur.

Meer beloven dan de hoofdhuur toestaat. Een langere looptijd, een huisdier of zakelijk gebruik dat de hoofdhuur verbiedt, brengt de onderverhuurder in de problemen. In Nederland mag de huurder het gehuurde alleen gebruiken zoals is overeengekomen (artikel 7:214 BW) [1].

Geen schriftelijke onderhuur. Mondelinge afspraken zijn geldig, maar volgens de Rijksoverheid moeilijker te bewijzen [3]. Dan liggen huur, waarborgsom en einddatum open voor discussie.

Toeristische verhuur als onderhuur behandelen. Een kortdurend verblijf is iets anders dan onderhuur. In Nederland kunnen gemeenten via hun huisvestingsverordening voor aangewezen woonruimte een registratienummer eisen bij toeristische verhuur (artikel 23a Huisvestingswet 2014) [2]. Gemeenten die dat doen, kunnen ook het aantal nachten per jaar beperken, een melding verplichten of een vergunning eisen (artikelen 23b en 23c) [2].

De huisvestingsvergunning vergeten. In een Nederlandse gemeente die woonruimte heeft aangewezen op grond van artikel 7 van de Huisvestingswet 2014, mag die woonruimte niet in gebruik worden gegeven aan iemand zonder huisvestingsvergunning (artikel 8 lid 2) [2]. Controleer dat vóór de onderhuurder intrekt.

De eigen data van de hoofdhuur missen. Een onderverhuurder die weg is, kan een opzegtermijn of huurverhoging onder de hoofdhuur missen. De onderhuur zet die verplichtingen niet stil.

Voor een breder kader om deze risico's te herkennen en te rangschikken, zie contractrisicobeheer. Heeft u een concept-onderhuurovereenkomst, dan kan een snelle controle met een tool voor contractanalyse ontbrekende bepalingen zichtbaar maken voordat iemand tekent.

Checklist voor contractbeheer

Behandel een onderhuur als twee gekoppelde contracten, niet als één. Bewaar de hoofdhuur, de onderhuur en de toestemming van de verhuurder bij elkaar, zodat wie het ene opent ook de andere vindt. Onze gids over het opzetten van een contractrepository laat zien hoe u dat inricht.

Vastleggen bij ondertekening:

  • Namen en contactgegevens van verhuurder, onderverhuurder, onderhuurder en eventuele medehuurder
  • Welke ruimte precies wordt onderverhuurd, en wat niet
  • Ingangsdatum, einddatum, huurprijs en opzegregels van de hoofdhuur
  • Ingangsdatum, einddatum, huurprijs, vervaldag en betaalwijze van de onderhuur
  • Wie welke waarborgsom beheert, en het bedrag
  • De schriftelijke toestemming van de verhuurder, met datum
  • Verdeling van nutsvoorzieningen per dienst
  • Opzegmogelijkheden en opzegtermijnen in beide contracten
  • Of de gemeente een huisvestingsvergunning vereist

In de agenda zetten:

  • De afgesproken antwoorddatum voor het toestemmingsverzoek
  • De maandelijkse betaaldata van beide huren, met marge ertussen
  • De einddatum van de onderhuur, met een herinnering 30 tot 60 dagen vooraf
  • De opzeg- en verlengingsdata van de hoofdhuur
  • Bij een kamer in uw eigen woning: het einde van de eerste negen maanden
  • Na het einde van de hoofdhuur: de termijn van zes maanden uit artikel 7:269 lid 2 BW
  • De datum voor terugbetaling van de waarborgsom na uittrek

Periodiek controleren:

  • Maandelijks: is de huur van de onderhuurder binnen voordat de hoofdhuur verschuldigd is?
  • Per kwartaal: zijn nutsvoorzieningen en gedeelde kosten verrekend?
  • Vóór elke verlenging of wijziging van de hoofdhuur: raakt de wijziging de onderhuur?
  • Aan het einde van de onderhuur: doe de eindinspectie en rond de waarborgsom af

Voor één woning heeft u hiervoor geen software nodig. Een gedeelde map en een agenda zijn genoeg. Beheert een bedrijf meerdere onderverhuurde kantoren of magazijnen, dan lopen de data snel op. Contracko kan de bijbehorende overeenkomsten op één plek bewaren en met kunstmatige intelligentie (AI) de belangrijkste data eruit halen. U kunt ook meerdere herinneringen per contract instellen die zich herhalen als een contract verlengt, en contractdata synchroniseren met Google Calendar, Apple Calendar of Outlook [4]. Onze documentatie legt uit hoe contractdata en automatische verlengingen werken. De gids met best practices voor contractbeheer behandelt de gewoonten die gekoppelde overeenkomsten op één lijn houden. U kunt Contracko uitproberen met een gratis proefperiode, en de actuele abonnementen staan op de prijzenpagina.

Bronnen

[1] Overheid.nl, Burgerlijk Wetboek Boek 7 (huur en onderhuur, aansprakelijkheid van de huurder, voortzetting van onderhuur, indeplaatsstelling, opzegging en ontbinding, artikelen 7:201 tot en met 7:307). wetten.overheid.nl/BWBR0005290/

[2] Overheid.nl, Huisvestingswet 2014 (huisvestingsvergunning en gemeentelijke regels voor toeristische verhuur, artikelen 7, 8 en 23a tot en met 23c). wetten.overheid.nl/BWBR0035303/

[3] Rijksoverheid, Heb ik recht op huurbescherming? (onderhuurbescherming, kamerverhuur, hospitaverhuur en mondelinge afspraken). rijksoverheid.nl/vraag-en-antwoord/woning-huren/heb-ik-recht-op-huurbescherming

[4] Contracko, Features (contractrepository, AI-extractie van data, herhalende herinneringen en agendasynchronisatie). contracko.com/features

De afbeeldingen in dit artikel zijn gegenereerd met behulp van AI.

Ga aan de slag met Contracko

Verban het gedoe rondom contractbeheer. Contracko helpt je georganiseerd, op tijd en in controle te blijven. Begin vandaag nog met vereenvoudigen.